Quintine
In de zeventiende eeuw leefde in Ellezelles een vrouw die Quintine heette — voluit Quintine Deleplanche of Deleplache — en zij was de beroemdste heks van het dorp. Ze woonde in een klein huisje aan de rand van het dorp, waar het bos begon en de wereld grijs werd. De mensen zeiden dat zij zieke vee kon genezen, het weer kon voorspellen en met de doden kon spreken.
1 De heks van het dorp
Quintine was zowel gevreesd als nodig. ’s Nachts slopen mannen en vrouwen naar haar huisje, altijd voorzichtig, altijd voorzichtig, want men wilde niet dat anderen wisten dat men van hekserij gebruikmaakte. Ze kwamen met zieke kinderen, met verloren voorwerpen, met vragen over toekomstige oogsten. Sommigen zeiden dat zij kruidenkennis had, dat zij wist welke bessen genazing brachten en welke bloemen de pijn lenigen. Anderen fluisterden over minder natuurlijke dingen.
Maar Quintine antwoordde zelden rechtstreeks. Ze staarde je aan met ogen die donker waren als poelen, en zij sprak in raadselen en voorwaarden. Zij nam betaling in kruiden, graan, of eieren. Ze schreef niets op. Ze leerde niets aan anderen. En toch, op de een of andere manier, genesen de kinderen. Op de een of andere manier werden de dingen gevonden. Op de een of andere manier wisten de boeren wanneer zij hun zaad moesten zaaien.
Jaren gingen voorbij. De dorpelingen hadden zich eraan gewend dat Quintine er was, onderdeel van het landschap, zoals de oude beuk bij de bron of de steen die voor ongeluk waarschuwde. Ze was oud geworden, haar gezicht gerimpeld als gerookt leer, haar handen vol littekens. Maar haar blik was nog even doordringend.
2 De val
In het jaar 1685 sloegen de rampen toe. Eerst kwam de pestlijf — een ziekte die de runderen teisterde. Beesten die ’s ochtends gezond leken, waren ’s avonds dood. De dorpelingen verloren bijna alles. Toen mislukte de oogst. De regen kwam niet, of te veel regen, op het verkeerde moment. En in september stierf een kind, een mooi meisje van zes jaar, zonder reden die iemand kon begrijpen.
De wanhoop veranderde in woede. Iemand — niemand weet wie — begon tegen Quintine fluisteren. Dit waren straffen van boven, zeiden zij, straffen omdat de heks onder hen woonde. Binnen dagen waren velen ervan overtuigd. Priesters spraken erover in hun preken. Een groep mannen ging naar Quintine en eiste dat zij het dorp zou verlaten. Ze weigerde. Ze zei alleen maar: "Mij vallen gebeuren zonder mij."
Maar de haat groeit sneller dan het verstand. In november werden Quintine en twee andere vrouwen gearresteerd. Ze werden beschuldigd van hekserij. Vastgebonden in cel werden zij onder bedreiging van foltering ondervraagd, dagen en nachten. Quintine hield stand totdat zij aan haar armen omhoog werden getrokken en haar lichaam werd verbrand met gloeiende ijzer. Toen brak zij.
3 De ontschuldiging van een geest
"Ja," fluisterde zij toen, haar stem verbrand en gebroken. "Ja, ik ben naar sabbaths geweest. Ja, ik heb een pact gesloten. Ja, alles wat zij zeggen." Ze zeiden wat zij wilden horen. De rechtszaak duurde twee dagen. Op een winterochtend werd Quintine op het dorpsplein op de brandstapel gezet. Ze hadden haar handen gebonden. Ze hadden haar kleding gezwart met pek. Duizend dorpelingen kwamen kijken.
De vlammen grepen haar. Sommigen zeiden dat zij schreeuwde, anderen zeiden dat zij stil stierf, glimlachend zelfs. Maar binnen weken begon iets geks. De ziekte onder het vee verdween — helemaal weg. De volgende oogst was overvloedig. De winter was mild. En toch — en dit was het vreemde — gebeurden er nog steeds ongelukken. Dingen die niemand kon verklaren. Lichten in het bos waar Quintine huisje had gestaan. Stemmen op maanlicht nachten. Dorpelingen zeiden dat zij rusteloos was, dat zij niet in vrede kon slapen omdat zij onschuldig was ter dood gebracht.
Zeventig jaar later, toen vrijwel niemand meer leefde die zich Quintine kon herinneren, stopten de verschijningen. En de dorpelingen, eindelijk, begrepen wat zij hadden gedaan.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


