Sinjoren
In de smalle straten rond de Grote Markt van Antwerpen klinkt soms een woord dat ouder is dan menige gevel: sinjoor — een bijnaam die de ziel van de stad draagt.
1 Wat betekent “sinjoor”?
Een sinjoor is een Antwerpenaar. Zo eenvoudig lijkt het. Toch schuilt er meer achter dat woord dan louter een aanduiding van afkomst.
In de volksmond wordt wel eens gezegd dat je pas een échte sinjoor bent als niet alleen jij, maar ook je ouders en grootouders in Antwerpen geboren zijn. Het woord draagt een gevoel van verbondenheid met de stad — een erfelijke stedentrots die van generatie op generatie wordt doorgegeven.
2 Oorsprong in de Spaanse tijd
De wortels van het woord liggen in de zestiende en zeventiende eeuw, toen Antwerpen onder Spaans bestuur stond tijdens de Tachtigjarige Oorlog. Spaanse militairen en bestuurders waren toen alomtegenwoordig in de stad.
Zij spraken elkaar aan met señor, Spaans voor “heer”. In de mond van de Antwerpenaren werd dat woord verbasterd. Volgens de overlevering noemden burgers zichzelf of elkaar — misschien met een knipoog — “senores”, wat uiteindelijk evolueerde tot sinjoren.
3 Van spotnaam tot eretitel
Het is niet helemaal duidelijk of het woord oorspronkelijk bewonderend of spottend bedoeld was. Mogelijk verwees het naar het zelfbewuste, soms wat hautaine karakter dat men de Antwerpenaar toedichtte.
Wat de toon ook was, de bijnaam bleef hangen. Door de eeuwen heen groeide sinjoor uit tot een geuzennaam — een eretitel die vandaag met trots wordt gedragen.
4 Geen sage, maar stadsgeschiedenis
“Sinjoren” is geen sage vol spoken of reuzen, maar een stukje levende stadsgeschiedenis. Het woord ontstond uit taalvermenging en machtsverhoudingen.
Waar het Spaanse señor ooit uit Spanje naar de Lage Landen kwam, kreeg het in Antwerpen een eigen klank — en een eigen ziel.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


