Reuzen en ommegangen
Het grootste erfgoed loopt nog door de straten
Geen enkel wezen uit de volksverhalen is zo letterlijk zichtbaar gebleven als de reus. Waar heksen en spoken alleen nog in verhalen leven, wandelt de reus elk jaar opnieuw door de straten van onze steden, torenhoog, geschommeld op de schouders van dragers, voorop in de ommegang. Van Antwerpen tot Dendermonde, van Dinant tot Ath: de reuzenstoet is levend erfgoed, zo waardevol dat de Unesco verschillende ervan als immaterieel werelderfgoed erkent.
De reus als stichter
Vaak vertelt de reus het ontstaan van de stad zelf. In Antwerpen eist de reus Antigoon tol van iedereen die de Schelde oversteekt, en wie niet betaalt verliest een hand, die de reus in de rivier werpt. Tot de held Brabo hem verslaat, hem zijn eigen hand afhakt en die wegwerpt: hand werpen, in het Nederlands, en zo zou Antwerpen aan zijn naam gekomen zijn. Of dat taalkundig klopt is een tweede, maar het verhaal zit gebeiteld in de gevel van het stadhuis en in de fontein op de Grote Markt. Een stad die zichzelf een reus als tegenstander geeft, vertelt daarmee hoe groot en hoe oud zij zich voelt.
De reus is de tegenstander die groot genoeg is om een stad aan te meten. Wie hem verslaat, of hem draagt, meet zich aan hem.
Het paard dat vier ruiters droeg
Naast de menselijke reus staat het reuzenpaard. Het Ros Beiaard, dat de vier Heemskinderen tegelijk op zijn rug draagt, is in Dendermonde het middelpunt van een ommegang die maar eens in de tien jaar uitgaat, en die de hele stad op de been brengt. In Dinant klimt hetzelfde Bayard-paard over de rotsen boven de Maas, en de gespleten rots heet er nog altijd naar hem. Het is geen toeval dat deze verhalen aan een plek vastzitten: de reus en zijn paard verankeren een legende in steen en straat, zodat ze niet vergeten kan worden.
Waarom de stoet blijft
De ommegang is meer dan folklore. Hij is de manier waarop een gemeenschap zichzelf elk jaar opnieuw vertelt wie ze is. De reus dragen, de stoet volgen, de kinderen op de schouders tillen om hem te zien: het bindt generaties aan hetzelfde verhaal. Daarom hoort de reus thuis in een geschiedenisdossier. Hij is niet alleen een figuur uit een oud verhaal, hij is een afspraak die een stad met haar verleden maakt, en elk jaar nakomt.