De tovenaar en de verdwijnende pensen
Na het slachten van een varken, wat in de dorpsgemeenschap een feest was, bereidde bijna iedereen in het dorp pensen klaar. Pensen zijn de ingewanden van het dier—de lever, de longen, de dikke darm—zorgvuldig schoongemaakt en gekruid.
1 Het slachtfeest
Na het slachten van een varken, wat in het dorp altijd een groot feest was, begonnen de vrouwen hun werk. Elk huishouden maakte pensen klaar.
De geur van gekruide ingewanden vulde de straten. Overal roerde vrouwen in hun potten, voegden kruiden toe, smeerden met spek.
Het was een tradition, een gemeenschapsgebeuren waar niemand zich aan onttrok.
2 De raadselachtige man
Op een deur zat een man op de drempel. Hij droeg kleding die niet van het dorp was—vreemd gesneden, donker gekleurd.
In zijn hand hield hij een groot boek, met een kaft van leer en vreemde symbolen erop.
Niemand kende hem. Hij zei weinig, staarde alleen maar in zijn boek, zijn lippen bewegend alsof hij gebeden uitsprak.
Toch voelde iedereen zich onrustig in zijn aanwezigheid.
3 De verdwijning
Toen de vrouwen gingen kijken naar hun potten met pensen, schrokken zij terug.
Allemaal waren leeg. Volledig leeg. De pensen waren verdwenen alsof zij nooit bestaan hadden.
‘Mijn pensen! Mijn pensen zijn weg!’ riepen zij uit.
Van dorp tot dorp, van huis tot huis—overal dezelfde ontdekking. De pensen waren verdwenen. Uitgeslurpt door onzichtbare krachten.
De man met het boek zat nog steeds op de drempel, een flauwe glimlach op zijn gezicht.
4 De bescherming van het paalmje
Maar één vrouw had het gezien. Voordat zij haar potten vulde, had zij voorzorgsmaatregelen genomen.
Zij had een paalmje—een palmtak van de kerken op Palmzondag—in haar pot gelegd.
Toen alle pensen verdwenen waren, was haar pot nog vol. De pensen waren beschermd gebleven door de heilige tak.
Toen de man merkte wat zij had gedaan, staarde hij haar aan met volle woede. Zijn hand sloeg omver tegen zijn boek, hij sprak woorden die als slangen klonken.
De pensen in haar pot bleven echter ongerept.
5 Het geheim van de magie
Later hoorde iedereen het verhaal: de man had een toverboek bij zich. Een boek dat rechtstreeks van de duivel kwam.
Met dit boek kon hij voedsel laten verdwijnen. In ruil voor zijn krachten, moest hij de duivel betalen met het eerste wat hij at. Zijn krachten zouden hem altijd honger geven.
Maar hij kon zijn magie ook omkeren. Als hij zijn boek achterwaarts las, verdwenen de vervloekingen.
Met het paalmje echter, kon geen enkele toverij iets doen. Dit was heilig—beschermd door eeuwen van geloof.
De vrouw die dit wist, behield wat zij kostbaar vond.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


