De Rots van Perette
In diezelfde kloof waar de Roche Brulée zijn donkere waarschuwing uit—zendt, liggen andere rotsen die hun eigen geheimen bewaren. Een van deze stenen draagt de naam Roche Perette, en in deze naam leeft een verhaal voort dat genera ties heeft geroerd — een verhaal van liefde, tragiek en de geesten die niet kunnen rusten.
1 Perette van de Herbenweiden
Er was eens, in een dorp dicht bij Florenville, een meisje genaamd Perette. Zij was niet het mooist van het dorp, noch het rijkste, maar zij had iets wat veel zeldzamer was: een hart vol vreugde, volle van kinderlijke wonderbaarlijkheid. Haar ogen schitteren als de zon op water, en overal waar zij liep, leek de wereld helderder te zijn.
Perette hield van de Semois-kloof op een manier die weinig anderen begrepen. Terwijl andere meisjes zich ophielden in het dorp en hun taken vervulden, klom Perette de steile hellingen op en zocht tussen de rotskrevassen naar wilde kruiden. Ze verzamelde ook bloemen — voornaam elijk voor hun geneeskrachtige waarden, maar ook omdat zij simpelweg mooi waren.
Op een dag, terwijl zij langs de oever van de Semois liep en naar de lelies zocht die alleen op bepaalde plaatsen groeien, zag zij hem: een jong man die met zijn visnet in het water stond. Zijn naam was Mathieu, en hij was de zoon van een bekende visser. Hun ogen troffen elkaar, en in dat moment, zeggen ze, stopte het hart van de rivier.
2 Liefde aan de Rivier
Dag na dag kwam Perette naar dezelfde plaats, en dag na dag was Mathieu daar met zijn net. Ze praatten zacht, zodat niemand hen kon horen — want zodan handelingen werden niet goedgekeurd in die tijd. Een jonge vrouw uit het dorp en een vissersseun? De families zouden het nooit toestaan.
Mathieu vertelde haar over de riviervis, over hoe de Semois levend was en ademde. Perette vertelde hem over de kruiden die ze vond, over hun gehei men en krachten. Ze zaten op de rotsen in het warme zonlicht en spraken over dromen — van een eigen huisje, van samen oud worden, van een leven waarin hun liefde kon bloeien.
”Jij bent als het Semois zelf,” fluisterde Mathieu eens. ”Altijd bewegend, altijd vers, altijd schoon. Ik ben slechts een visser die probeert jouw beweging te begrijpen.”
Perette lachte en nam zijn hand. Zij kenden beide dat hun geluk niet kon duren — maar in die momenten leek het niet uit te maken. De rivier stroomde voort, de zon bescheen hen, en hun liefde was echt.
3 De Tragische Herfst
Toen de herfst kwam, veranderde alles. De kloven werden spierwig en de rotsen nat. De bladeren vielen van de bomen en bedekten de paden. Perette — omdat ze niet kon weigeren aan de oproep van haar liefde — klom nog steeds de rotsen op, nog steeds zoekende naar de kruiden die nu zeldzamer waren geworden.
Op een grauwe ochtend, toen de mist dik in de kloof hing, vertrok zij alleen. Haar moeder was ziek en zij wilde medicijnen verzamelen. Mathieu was niet aan de rivier die dag; hij was naar de stad gegaan om wat vistuig te verkopen. Perette moest alleen gaan.
De treden van rots waren glad van de kou en het vocht. De mist maakte het moeilijk om te zien. Perette, terwijl zij zich over de rand van haar favoriete verzamelplek boog, verloor haar voetsteun. Haar schreeuw galmde door de kloof — een geluid dat slechts één moment duurde, maar dat voor altijd zou doorklinken in de harten van zij die het hoorden.
Zij viel in het water beneden, tussen de rotsen. De Semois, die zo mooi was onder zon en maanlicht, nam haar mee in zijn koude armen.
4 De Zoeken en het Geest
Toen Mathieu terugkeerde en Perette niet vond, begon hij te zoeken. Hij zocht elke dag, soms twee keer per dag. Hij zocht de Semois af, op en neer langs de rotsen, met angst in zijn hart. De andere villagers zeiden dat het geen zin had; dat de rivier alles namen en niets teruggaven.
Maar Mathieu weigerde te geloven dat Perette voorgoed weg was. Nacht na nacht bleef hij aan de rivier zitten, aan de voet van die rots die nu naar haar was genoemd. Hij zei: ”Perette, ik weet dat je hier bent. Geef me een teken. Laat me niet in eenzaamheid achterblijven.”
En sommigen zeggen dat hij, op een mistige ochtend — net als die waarin zij viel — een gestalte zag. Een meisje met glinsterende ogen, bewegend langs de rotsen als water zelf. Zij keek naar hem, glimlachte met dat oude, warme lachje, en verdween in de nevel.
Nu, veel jaren later, zeggen de mensen van Florenville dat op mistige ochtenden, je soms een jong meisje kunt zien dat langs de Roche Perette loopt. Zij verzamelt geen kruiden meer. Zij wacht. Zij wacht altijd op degene die van haar hield met een hartstochtelijkheid die sterker was dan de dood zelf.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


