Staneuxine of de fee der anjelieren
In het hart van Staneux, een mystieke gehuchte bij Theux omgeven door rotsen en bergbronnen, woonde een wezen dat slechts weinigen ooit hebben gezien: Staneuxine, de fee der anjelieren.
1 De fee der bloemen
Staneuxine was geen gewone fee. Zij droeg kleding van bloemblaadjes en haar haar geurde naar wilde anjelieren. Haar voeten raakten de aarde niet—waar zij liep, groeide er een lijn van gouden bloemen.
Zij bewaakte de berghellingen van Staneux als een godin van de natuur. De wilde anjelieren, de giroflées, waren haar geliefde kinderen. Zij zegende ze met de geur van het eeuwige lente en beschermde ze tegen vorst en droogte.
2 De verschijning aan de herders
In de donkere winter van 1743 zochten herders beschutting voor hun kudden in de dalen van Staneux. Drie nachten lang rook de lucht naar lavendel en hemelwater—ook al was het midden in de ijzige nacht.
Toen verscheen Staneuxine aan hen, gekleed in een mantel van zacht licht. Haar ogen waren groot en oud, hoewel haar gezicht jong was. Zij zei geen woorden, maar de herders voelden in hun hart wat zij wilden zeggen: Zorg goed voor mijn bloemen, en ik zal zorg goed dragen voor je kudden.
Waar zij had gelopen, groeiden de hellingen die nacht vol met voer voor de dieren. Geen enkele schapen stierf die winter.
3 De les van hebzucht
Jaren later kwam een reiziger door Staneux die van Staneuxine’s legendarische schoonheid hoorde. Hij was vastbesloten haar te vangen en mee te nemen naar de stad, waar zij als curiositeit zou dienen.
De hele nacht loerde hij achter de rotsen, totdat de fee verscheen. Maar zodra hij naar haar hand reikte om haar te grijpen, verdween zij als mist. Waar zij had gestaan, lagen alleen verdorde bloemblaadjes.
Vanaf die dag keerde Staneuxine niet meer terug naar de laagvlaktes van Staneux. Haar bloemen verspreidden zich slechts naar plekken waar rechtvaardigen der natuur haar gaven eerbiedigden.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


