De fee Mélusine van Lusignan
Op een granieten heuvel in de Vienne, in het hart van Poitou, troont de ruïne van het kasteel van Lusignan. De volkstraditie zegt dat het werd gebouwd in één enkele nacht door een fee, met de naam Mélusine. Haar verhaal werd in 1392 vereeuwigd door Jean d’Arras in zijn beroemde roman, en is een van de mooiste fee-verhalen van Frankrijk: een verbond van liefde, een verbroken geheim, en een voor altijd geïmmoriseerde slangenklacht.
1 De fontein in het bos
Aan de rand van het bos van Coulombiers, niet ver van Poitiers, ontsprong eens een heldere bron met onnatuurlijk koud water. De plaatselijke bewoners noemden haar de Fontein der Dorst-naar-Verfrissing. Op een avond, na een lange jacht waarin hij zijn oom per ongeluk had gedood met een wild zwijn-spies, kwam de jonge ridder Raymondin van Forez aan deze bron. Hij was bedroefd en uitgeput.
Bij de fontein zaten drie vrouwen van zo’n schoonheid dat Raymondin op hen toetrad als in een droom. De middelste, Mélusine, was de schoonste van allen. Zij sprak hem toe alsof zij hem reeds kende, en vertelde dat zij zijn ongeluk wist en hem zou kunnen helpen. Hij hoefde slechts één belofte te doen: dat hij haar nooit op een zaterdag zou aanschouwen, want op die dag had zij dingen te doen die geen man mocht zien.
Dit verhaal is voor Supporters
Je las de opening. De volledige vertelling — alle hoofdstukken, in vier talen — is er voor wie Heimweer steunt. Eénmalig, levenslang toegang tot alle premium-verhalen.
Word Supporter
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


