Shield
Amstelveen (Nieuwer-Amstel), Noord-Holland / Amstelland

De banpalen en de dobbelaar

Tier 0+ - Publiek 5 min Sage
Flag
Advertentie
OthalaOthalaHandgebouwde websites die je zelf bezit

Aan de zuidrand van Amsterdam, waar de Amstel het oude veenland doorsnijdt, ligt Amstelveen, tot 1964 Nieuwer-Amstel geheten. Het is een gemeente die eeuwenlang grond en macht verloor aan haar grote buurstad, meter voor meter. Nog altijd staan er in en om de stad oude banpalen met het Amsterdamse wapen, grensstenen van een rechtsgebied dat hier ophield. Over hoe die palen er kwamen, en hoe de heerlijkheid Nieuwer-Amstel in handen van Amsterdam raakte, vertellen de Amstellanders al eeuwen een sage. Zij gaat over een edelman, een kan wijn en een noodlottige worp met de dobbelstenen.

HW HW

1 Een heerlijkheid aan de Amstel

Voor er een Amsterdam of een Amstelveen bestond, lag hier de ambachtsheerlijkheid Nieuwer-Amstel. Het Amstelland was in de elfde en twaalfde eeuw ontgonnen in opdracht van de bisschop van Utrecht, en kwam in 1296 aan de graaf van Holland. In de dertiende eeuw deelde de rivier het gebied in tweeën: Ouder-Amstel ten oosten van de Amstel, Nieuwer-Amstel ten westen ervan. Het bestuurlijke hart lag bij Ouderkerk, waar de heren van Amstel hun slot hadden.

In het noorden van dat gebied groeide vanaf het midden van de dertiende eeuw een kleine nederzetting bij een dam in de Amstel. Zij maakte zich los uit het ambacht, werd in 1275 zelfstandig en kreeg omstreeks 1300 stadsrechten. Zo ontstond Amsterdam, op grond die tot Nieuwer-Amstel had behoord. Elke voetbreed grond ten zuiden van het IJ heeft de latere hoofdstad in de eeuwen daarna aan haar buur ontfutseld, en dat ging zelden zonder wrijving.

In 1399 gaf hertog Albrecht van Beieren, graaf van Holland, het ambacht in erfleen uit. Daarmee kwam een stuk overheidsgezag in particuliere handen: het ambacht werd een heerlijkheid, de leenman een ambachtsheer met eigen rechtspraak. De grens van dat recht werd gemarkeerd door banpalen, stenen palen die aangaven waar de macht van de ene overheid ophield en die van de andere begon. Juist om zulke palen zou de grote twist ontstaan.

2 De heer die niet wilde verkopen

Amsterdam werd rijk en machtig en breidde in de veertiende en vijftiende eeuw telkens weer uit ten koste van Nieuwer-Amstel. De ambachtsheren verzetten zich, meestal zonder veel resultaat. De enige die werkelijk de aanval koos, was Reinoud III van Brederode (1492-1556), heer van Brederode en Vianen, ridder in de Orde van het Gulden Vlies en kamerheer van keizer Karel V. De aanleiding lag in het jaar 1489, toen Amsterdam van hertog Maximiliaan het recht had gekregen om ook ruim vijf kilometer buiten de eigen grenzen misdadigers en bannelingen op te pakken. Om dat gebied af te bakenen liet de stad banpalen met haar wapen plaatsen, midden in het rechtsgebied van de heer.

Voor Reinoud was het wapen van Amsterdam binnen zijn jurisdictie onverdraaglijk. Hij verklaarde grote delen van de stad tot zijn gebied en eiste terug wat zijn voorouders was ontnomen. Er volgde een reeks processen die jaren aansleepten. Nu eens eiste hij belasting van wie in de stad woonde, dan weer verbood hij zijn boeren boter, kaas, ganzen en hoenders naar de Amsterdamse markt te brengen. Het kostte de stad handenvol geld, en de regenten zochten een uitweg. Herhaaldelijk boden zij aan de heerlijkheid te kopen, maar Reinoud weigerde te verkopen.

De heer van Brederode was echter, zoals een oude bron het zegt, zeer genegen tot dronkenschap en spel. Van die zwakte maakten de regenten gebruik. Aan de dobbeltafel lieten zij hem grote bedragen verliezen. Opgewonden door zijn tegenslag zocht hij naar nieuwe inzet, en toen legde een man in opdracht van de burgemeester een grote som voor hem neer, met de raad zijn jurisdictie in te zetten. Beneveld door de wijn en geprikkeld door de verliezen deed Reinoud het. Hij hoopte op revanche, maar hij verloor. Ter plekke werden een secretaris en een getuige geroepen, een akte opgesteld, getekend en verzegeld. Het was 15 juni 1529.

3 Wat met spelen gewonnen werd

Toen Reinoud de volgende ochtend ontnuchterd wakker werd, had hij spijt. Hij smeekte het hof de heerlijkheid terug te geven, want wat een edelman geërfd had, zo betoogde hij, kon men hem niet zomaar ontvreemden. Hij bood zelfs aan er een flinke som voor te betalen. Het hielp niets. De regenten hadden de akte al naar de graaf van Holland gestuurd, en die had haar getekend en goedgekeurd. Zo verkreeg Amsterdam met spelen wat het met kopen nooit had kunnen krijgen.

Reinoud kreeg voor de heerlijkheid Amstelveen en Nieuwer-Amstel drieduizend Carolusguldens en een eeuwigdurende jaarrente van vijfhonderdzestig pond. Zijn zoon, de beroemde Hendrik van Brederode, spande in 1560 nog een proces aan, omdat zijn vader bedrogen zou zijn, maar ook hij ving bot. Amsterdam kocht later zelfs de jaarlijkse rente af voor twaalfduizend gulden. Wat de stad met processen en aankoopplannen niet was gelukt, had zij aan de speeltafel in één avond bereikt.

Of het werkelijk zo is gegaan, valt niet te bewijzen; de geschiedschrijving spreekt nuchter van een verkoop in 1529. Maar de sage van het dobbelspel is aan Amstelveen blijven kleven, en zij heeft een tastbaar spoor. De oude Amsterdamse banpalen, met het wapen dat Reinoud zo verfoeide, staan hier nog altijd. In de eeuwen erna knabbelde Amsterdam verder: bij de annexaties van 1896 en 1921 verloor Nieuwer-Amstel zijn drukste wijken, en pas in 1964 nam de gemeente de naam aan van haar oudste dorp, Amstelveen. De grensstenen bleven staan, zwijgende getuigen van een heerlijkheid die op een worp met de dobbelstenen werd verspeeld.

Bron: Sage «De banpalen en de dobbelaar» uit de Volksverhalen Almanak (beleven.org), herkomst Noord-Holland. Historische gegevens: nl.wikipedia (Nieuwer-Amstel), en.wikipedia (Reinoud III van Brederode) en de Vereniging Historisch Amstelveen.
Wist je dat? Een banpaal is een stenen grenspaal die het einde van het ban- en vangrecht van een stad aangaf: tot daar reikte haar rechtspraak en mocht zij bannelingen oppakken. Wie verbannen was, mocht zich binnen de banpalen niet meer vertonen, op straffe van gevangenschap. Amsterdam kreeg dat recht in 1489 en liet zijn palen tot ruim vijf kilometer buiten de eigen grens zetten, diep in Nieuwer-Amstel. Door latere gemeentelijke samenvoegingen zijn veel banpalen verdwenen of binnen de stadsgrens komen te liggen.
Heimweer Heimweer

Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard