Hoefijzers aan handen en voeten
Smid Frits Heeswijck van Beek (Beekdaelen) betrapte in juli 1758 zijn vrouw Anna in zijn smederij met haar minnaar Joep, een paardenkoopman. In plaats van bloed te vergieten besloeg hij hen beiden aan handen en voeten met hoefijzers en liet hen drie dagen zo. Daarna geneesde hij hen.
1 De vondst
Frits was tweeenveertig, Anna achtentwintig (sinds zes jaar getrouwd), Joep vijfendertig (vrijgezel paardenkoopman). Op 27 juli 1758 stuurde Frits naar Maastricht voor metaal-aankoop, voor drie dagen weg. Hij keerde één dag eerder terug omdat de koopman in Maastricht ziek was. Op 30 juli ’s avonds zes uur kwam hij thuis en ging direct naar de smederij om zijn voorraad ijzer te checken. Daar lagen Anna en Joep. Frits stond één minuut stil in de deuropening, dacht een seconde, en deed zijn beslissing.
2 Drie dagen
Frits, smid, kende paarden-handvaardigheid. Hij sloeg Joep met één hamerslag bewusteloos, daarna Anna. Hij smeedde in zijn werkplaats acht hoefijzers (twee per persoon: handen en voeten) op precieze afmetingen, gebruikte zijn gloeiende vuur, en bevestigde de hoefijzers aan hun ledematen met klinknagels door de huid en het bot — pijnlijk maar niet dodelijk. Drie dagen lang lagen Anna en Joep zo: aan elkaar vastgesmeed met hoefijzers. Frits voederde hen, gaf hen water, sprak met geen van beiden. Op de derde avond, 2 augustus, sloeg hij de hoefijzers af, behandelde de wonden met zelfbereide kruidenpasta (geen infectie), en zei: «Anna, je gaat. Joep, je gaat. Ik heb jullie niet gedood omdat ik niet bloed wil. Ik heb jullie hoefijzers omgehad omdat het zinvol leek. Drie dagen heeft jullie hopelijk geleerd dat ge in elkaars schoenen niet wilt staan. Anna, ik scheid van je — pastoor zal het regelen. Joep, kom hier nooit meer. Ga.» Beiden gingen. Anna verhuisde naar Aken; Joep naar Roermond. Geen van beiden kwam terug. De pastoor van Beek deed geen aanklacht, hoewel de smederij-werkstuk-actie strafbaar was. Frits stierf in 1791 op zijn vierenzeventigste, ongetrouwd hertrouwd, in Beek geliefd. Op zijn graf staat één hoefijzer in graniet, met daaronder: «Wie loopt op andermans paden, mag een ogenblik andermans hoefijzers dragen.»
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


