De levende dode
Een Friese variant van de wijdverspreide schijndood-sage uit de tijd voor stethoscoop en hartkijkapparaten. In Fryslân speelt zij in Wytgaard bij Leeuwarden, en de levende dode is een rijke koopmansvrouw.
1 De begrafenis van vrouwe Reinou
In Wytgaard bij Leeuwarden stierf in 1762 plotseling vrouwe Reinou Aukema, koopmansvrouw, jong en mooi. De dokter constateerde de dood, en zij werd binnen twee dagen begraven met al haar gouden ringen aan de vingers — want haar man wilde dat zij in ere ging. De grafdelver, een arme man met zes kinderen, zag de ringen blinken toen het deksel werd dichtgespijkerd.
2 Het kloppen in de aarde
Diezelfde nacht ging de grafdelver met een spade en een breekijzer terug naar het kerkhof. Hij groef de kist op, opende het deksel, en wilde de ringen van de vingers trekken. Toen hij de eerste ring greep, opende vrouwe Reinou haar ogen en gilde. Schijndood. De grafdelver vluchtte schreeuwend, liet kist, ringen en spade achter.
Vrouwe Reinou kwam zelfstandig uit de kist, klom uit het graf, en liep in haar lijkwade door de nachtelijke straten van Wytgaard naar haar eigen huis. Haar man opende de deur, viel flauw, en herstelde later. Vrouwe Reinou leefde nog vijfentwintig jaar.
3 De grafdelver
De grafdelver werd de volgende ochtend dood gevonden voor zijn eigen deur. Geen wond, geen ziekte — de hartstilstand van de schrik. Vrouwe Reinou betaalde zijn weduwe een levenslange uitkering uit dankbaarheid: zonder zijn ringendiefstal had zij in haar kist gestikt. Sinds die dag, zegt men in Wytgaard, slaapt elke Friese koopmansvrouw met haar gouden ringen aan de vingers af, doch zij worden bij haar dood eerst drie dagen op het hoofdkussen gelegd. Want misschien is zij niet dood, en heeft zij ze nog nodig.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


