De kameel van Béziers en de heilige die zijn hoofd droeg
Béziers zit op een rotspunt boven de Orb, en wie van de overkant komt, over de middeleeuwse Pont Vieux, ziet de stad in één beeld: een wand van huizen, en daarboven de vierkante toren van de kathedraal Saint-Nazaire, zo dicht bij de rand dat het lijkt of ze over het water hangt. Elk jaar op achtentwintig april loopt er een kameel door de straten — van hout en beschilderd linnen, gedragen door mannen die erin verscholen zitten. De Biterrois noemen hem lo camèl.
1 De stad boven de Orb
De Orb is een rustige rivier die zonder waarschuwing kan zwellen. Daarom bouwde men hier niet in de vlakte maar op het plateau erboven, met uitzicht tot aan de Montagne Noire en, op heldere dagen, de Pyreneeën. Op het hoogste punt staat de kathedraal Saint-Nazaire-et-Saint-Celse, vanaf het midden van de dertiende eeuw opgetrokken: een vierkante toren van achtenveertig meter, een roosvenster van tien meter breed, en een westgevel die recht boven de rivier uitkomt. Ze lijkt eerder een burcht dan een kerk.
Aan de zuidkant van de stad loopt het Canal du Midi. Dat is het werk van Pierre-Paul Riquet, in 1609 in Béziers geboren, zoutpachter van beroep, die zijn eigen fortuin in de graafwerken stak en het einde niet haalde: hij stierf in oktober 1680, terwijl er nog gewerkt werd, en op 15 mei 1681 voer de eerste boot. Vlak bij zijn geboortestad daalt het kanaal in één trap naar de Orb, langs de negen sluizen van Fonseranes — acht bekkens, negen deuren, eenentwintig en een halve meter hoogteverschil over ruim driehonderd meter. En midden in augustus loopt de stad vijf dagen lang vol voor de feria. Maar het oudste wat Béziers door zijn straten draagt, is geen boot en geen stier.
2 De man die uit Egypte kwam
Het verhaal begint ver van hier. Aphrodisius, zegt de overlevering, was priester van Hermes in Heliopolis in Egypte. Toen de Heilige Familie op haar vlucht in zijn land aankwam, ontmoette hij haar, en die ontmoeting deed hem zijn oude goden opgeven. Na het lijden van Christus trok hij noordwaarts om Gallië te bekeren, en hij deed dat op de rug van zijn kameel. Zo kwam hij in Béziers aan: een vreemdeling met een dier dat hier nog nooit iemand had gezien. Hij bleef, predikte, en zou de eerste bisschop van de stad zijn geworden.
Zijn ijver beviel het bestuur niet; hij werd voor de gouverneur gebracht, ter dood veroordeeld en onthoofd. Wat daarna komt, is het wonder waarvoor de stad hem kent: hij stond op, nam zijn hoofd in zijn handen en liep ermee weg. Onderweg, vertelt men, hadden mensen slakken op zijn pad gelegd, en hij stapte eroverheen zonder er één te breken; andere versies zeggen dat er slakken uit de grond kwamen waar zijn bloed de aarde raakte. Sindsdien horen de heilige en de slak in Béziers bij elkaar. Hij liep tot aan de grot waar hij woonde, en daar begroeven zijn leerlingen hem; die grot is de crypte geworden van de basiliek die zijn naam draagt.
De kameel bleef alleen achter. Een pottenbakker nam hem op en voedde hem, en toen het dier stierf, liet men het opzetten en droeg het voortaan elk jaar plechtig door de stad.
3 Wat men zeker weet
Hier hoort een eerlijk woord bij. Over Aphrodisius is niets met zekerheid bekend. Men zegt dat hij in de eerste eeuw leefde en de eerste bisschop van Béziers was, maar zijn naam en die van zijn metgezellen zijn dezelfde als die van een groep martelaren van Tarsus, die op 22 maart gevierd worden. Het is goed mogelijk dat de eerste bisschop van de stad gewoon geleefd heeft en rustig gestorven is. Het verhaal zoals men het nu vertelt, staat pas in het brevier van Béziers uit de zestiende eeuw, samengesteld uit mondelinge overleveringen.
Ook het hoofd is niet van hem alleen. De heilige die zijn eigen hoofd opraapt en ermee wegloopt — een céphalophore — komt in tientallen heiligenlevens voor, telkens met hetzelfde patroon: water, een steen met een bloedvlek, en ten slotte een hoogte waar men later een kerk bouwt. En de kameel is vermoedelijk niet de oorzaak maar het gevolg: het totemdier liep waarschijnlijk al door Béziers, en het heiligenleven leverde achteraf de uitleg.
Dat maakt hem niet minder. Lo camèl geldt als het oudste bekende totemdier van de Hérault. Tijdens de Revolutie werd hij vernield en de stoet verboden; de stad maakte een nieuwe en begon opnieuw. En elk jaar buigt hij weer naar de mensen die hem al eeuwen te eten geven.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


