De dubbele wenteltrap van Chambord
Midden in de Sologne, waar het bos zich sluit rond stille vijvers, staat een kasteel dat daar eigenlijk niets te zoeken had: geen stad, geen haven, geen grote weg, alleen moeras, herten en het smalle riviertje de Cosson. Frans I wilde het, en dus kwam het er. Wie door de poort binnenkomt, staat na enkele passen in het hart van het gebouw, en daar wacht het wonder: een trap die twee keer om zichzelf heen draait. Twee mensen kunnen hem tegelijk nemen, de een omhoog, de ander omlaag, en zij zullen elkaar onderweg nooit tegenkomen.
1 De trap waarop niemand elkaar kruist
De trap staat precies in het midden van de donjon, waar vier gangen uit de vier windstreken samenkomen. Hij bestaat uit twee losse spiralen die om dezelfde holle kern draaien, boven elkaar en nooit in elkaar. Wie de ene neemt en wie de andere neemt, delen dezelfde as, dezelfde hoogte, dezelfde weg naar boven — en toch raken hun voeten geen enkele gemeenschappelijke trede.
Alleen door de openingen in de kern zien zij elkaar. Een gezicht schuift voorbij, een hand op de leuning, het ruisen van een rok, en weg is het weer. Daarom werd er aan het hof zoveel om deze trap gelachen. De koning kon een gast ontlopen die hij liever niet sprak; een gast kon de koning ontlopen op het slechtst denkbare uur; twee mensen die elkaar in de zalen ontweken, konden dat ook in de trap doen, zichtbaar en onbereikbaar tegelijk. Het is een verhaal dat te mooi is om helemaal waar te zijn en te taai om helemaal verzonnen te zijn.
Op elke verdieping opent de trap zich in vier voorhallen die samen een kruis vormen. Wie doorklimt, komt ten slotte buiten, op het grote terras dat rond de donjon loopt, onder een lantaarntoren met een lelie op de spits. In de gewelven staan honderden gekroonde letters F en salamanders gebeiteld; sommige monogrammen zijn omgekeerd gehakt, opdat God ze vanuit de hemel goed zou kunnen lezen.
2 De schaduw van Leonardo
Bijna iedereen die de trap voor het eerst ziet, hoort er dezelfde naam bij: Leonardo da Vinci. De overlevering wil dat de oude meester hem heeft bedacht, en de jaartallen lijken haar gelijk te geven. Frans I had Leonardo eind 1516 naar Amboise gehaald, waar hij in het Clos Lucé woonde als eerste schilder, ingenieur en bouwmeester van de koning. Hij stierf daar in 1519, enkele maanden voordat de koning op 6 september van datzelfde jaar zijn kamerheer opdracht gaf alle uitgaven voor de bouw van Chambord te regelen.
Er is meer dan alleen dat toeval. In de nagelaten tekeningen van Leonardo zitten trappen met dubbele spiralen, en gebouwen op een Grieks kruis — precies de twee grondgedachten van het eerste ontwerp van Chambord. Zijn medewerker Domenico da Cortona, die men Boccador noemde, maakte in 1517 de houten maquette.
En toch: geen enkel document uit die tijd verbindt Leonardo met Chambord. Er bestaat zelfs geen stuk dat de naam van welke bouwmeester dan ook noemt, behalve die van de koning zelf, die zich persoonlijk met het ontwerp bemoeide. De archieven over het ontstaan van het plan zijn verloren gegaan. Wat overblijft is een waarschijnlijkheid, geen bewijs. Misschien is dat juist wat de trap zo mooi maakt: hij is van iedereen en van niemand, net als de twee mensen die elkaar erin niet ontmoeten.
3 Een stad in de lucht boven lege zalen
Wie boven staat, begrijpt waarom bezoekers de daken van Chambord altijd een stad in de lucht hebben genoemd. Tussen de balustrades verdringen zich torentjes, dakkapellen en tweehonderdtweeentachtig schoorstenen, ingelegd met leisteen in ruiten, cirkels en driehoeken. Men wandelt er als door een straat, en beneden ligt niets dan bos.
Het kasteel telt vierhonderdzesentwintig kamers, zevenenzeventig trappen en achthonderd gebeeldhouwde kapitelen. Werkelijk bewoond is het nooit geweest. Frans I bracht er in tweeendertig jaar regering welgeteld tweeenveertig dagen door, meestal jagend in het bos met een kleine kring vertrouwelingen; daarna stond het huis jarenlang leeg, zonder meubels en zonder vuur. Rondom loopt een muur van tweeendertig kilometer om vijfduizend vierhonderdveertig hectare bos, heide en vijver — het grootste ommuurde bospark van Europa. Dat het domein even groot zou zijn als Parijs, hoort men vaak; het is ongeveer de helft, en ook dat blijft onvoorstelbaar.
Van de koning zelf zou één zin zijn overgebleven, niet in steen maar in glas. De overlevering wil dat Frans I met de diamant van zijn ring op een ruit van Chambord twee regels kraste: « Souvent femme varie. Bien fol qui s’y fie. » Bewezen is dat nooit; het is toeschrijving en traditie, en andere lezingen schrijven Bien fol est qui s’y fie. In 1804 schilderde Fleury François Richard hoe de koning die regels aan zijn zuster Marguerite toont.
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


