Shield
Annecy, Auvergne-Rhône-Alpes / Haute-Savoie

Het verzwolgen dorp onder het meer van Annecy

Tier 0+ - Publiek 4 min Sage
Flag
Advertentie
OthalaOthalaHandgebouwde websites die je zelf bezit

Het meer van Annecy in Haute-Savoie geldt als een van de helderste meren van Europa. Wie er op een windstille ochtend overheen vaart, ziet de stenen op de bodem liggen alsof er geen water tussen zit. Juist die helderheid houdt een oud verhaal levend: dat onder dat water een dorp ligt, verzwolgen op één ochtend.

HW HW

1 De bedelaar aan elke deur

Waar nu het water staat, zeggen de oude verhalen, lag ooit een dal met een rijk dorp. De grond gaf twee oogsten, de schuren zaten vol, de kudden waren de vetste van de streek. En met de rijkdom was de hoogmoed gekomen: armen zag men er niet graag, want armoede ontsierde het dal.

Op een winteravond kwam er een oude man het dal in. Een bedelaar, zeggen sommigen; een pelgrim, zeggen anderen, met een versleten mantel en doorgelopen voeten. Hij klopte aan de eerste deur en vroeg om brood en een plek bij het vuur. Men stuurde hem naar de buren, de buren stuurden hem verder. Zo ging hij het hele dorp langs, en overal hoorde hij hetzelfde: ga verder, hier is geen plaats. Bij het laatste rijke huis liet men de honden los.

Aan de rand van het dorp, waar de weg de berg op begon te klimmen, stond een lage hut van een oud echtpaar dat zelf nauwelijks te eten had. Zij lieten hem binnen, deelden hun laatste brood en gaven hem hun bed; zelf sliepen ze op stro naast de haard. In sommige lezingen is de vreemdeling een engel, in andere Christus zelf, en in een kerstversie van de oever bij Duingt een oude vrouw met een hond die om middernacht een fee blijkt.

2 Vlucht naar de hoogte en kijk niet om

Midden in de nacht wekte de gast de twee oude mensen. Sta op, zei hij, neem niets mee, klim de helling op zo hoog als je kunt, en kijk niet om voor het licht wordt. Ze vroegen niets en klommen in het donker de flank van de Semnoz op.

Bij het eerste daglicht brak het water uit de berg. Geen regen, geen rivier die buiten haar oevers trad, maar een vloed die uit de rotsen zelf kwam. Het dal liep vol als een kom; daken, kerktoren en kudden verdwenen zonder dat er een schreeuw boven het water uit kwam. Toen de twee zich omdraaiden, lag er een meer waar hun dorp had gelegen. Alleen hun eigen hut stond er nog, droog, op de nieuwe oever.

Dat dit motief zo herkenbaar klinkt, komt doordat het in heel Europa voorkomt: van het verzwolgen Ys voor de Bretonse kust tot het Welshe meer van Bala, van Vineta aan de Oostzee tot bijna elk Alpenmeer met steile oevers. Overal is de plot dezelfde — rijkdom, hoogmoed, een afgewezen gast, water — en overal wordt hij aan het eigen landschap vastgeknoopt. Het verhaal gaat dan ook niet over water, maar over de deur die dichtblijft.

3 Wat er werkelijk onder ligt

De geologie vertelt een ander verhaal, en het is eerlijker dat erbij te zeggen. Het meer is geen straf maar een gletsjerspoor: aan het einde van de Würm-ijstijd, tussen 17.000 en 15.000 v.Chr., trokken de Alpengletsjers zich terug en lieten een uitgeschuurd bekken achter dat volliep met smeltwater. Wat wel klopt, is dat een deel van het water van onderen komt. De bekendste bron is de Boubioz: haar opening ligt op zo’n twintig tot vijfentwintig meter diepte, de schacht daarachter zakt tot ruim tachtig meter, en het water komt uit de karstgangen van de Semnoz. Delebecque en Legay beschreven haar in 1891.

De vissers zeggen dat je bij heel helder water nog daken en muren ziet liggen, en ook daar zit een kern van waarheid in — alleen ouder dan het dorp uit de legende. Langs de ondiepe oevers staan de palenvelden van prehistorische paalwoningen. Drie van die sites — Les Marais bij Saint-Jorioz, de sector Les Mongets en Le Crêt de Chatillon bij Sevrier — staan sinds 2011 op de werelderfgoedlijst van UNESCO; de oudste dateren van rond 4000 v.Chr.

Aan het noordelijke uiteinde loopt het meer leeg in de Thiou, dwars door Annecy. Midden in de stroom ligt het Palais de l’Isle, driehoekig als de boeg van een schip, dat eeuwenlang gevangenis en gerechtsgebouw was; wie er nu binnengaat, loopt langs cellen met water aan beide kanten. Daaromheen liggen de arcaden van de rue Sainte-Claire en de rue Pérrière. Hier resideerde François de Sales, bisschop van Genève, die zijn zetel in Annecy had omdat Genève calvinistisch was geworden. Een stad met haar rug naar de bergen en haar gezicht naar het water — en met een verhaal over een dorp dat het water nooit meer heeft losgelaten.

Bron: Mondelinge overlevering van de oevers van het lac d’Annecy (Duingt, Sevrier, Saint-Jorioz); negentiende-eeuwse Savooise verzamelingen van contes et légendes; verwant aan het wijdverbreide Europese motief van de verzwolgen stad.
Wist je dat? Het lac d’Annecy is 14,6 kilometer lang en op zijn diepste punt ongeveer 82 meter diep; die diepste plek heet niet toevallig de gouffre du Boubioz. Het meer wordt gevoed door zeven beken en torrenten plus die ene onderwaterbron, en heeft maar één afvoer: de Thiou, met ruim drie kilometer een van de kortste rivieren van Frankrijk. Het Palais de l’Isle, dat als een stenen schip midden in die Thiou ligt, wordt al in 1325 genoemd en was achtereenvolgens gevangenis, munthuis van de graven van Genève, gerechtsgebouw en opnieuw gevangenis tot 1864; sinds 16 februari 1900 is het een monument historique. Het meer dankt zijn huidige helderheid aan een saneringsoperatie die in 1957 begon, toen de gemeenten rond het water hun riolering in collectoren onder de oeverwegen lieten samenbrengen.
Heimweer Heimweer

Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard