De bloeddorstige rechter
Tjaarda van Starkenborgh, rechter te Groningen 1668-1674, sprak in zes jaar 47 doodvonnissen uit. In de stadsregisters staat hij als «de bloeddorstige rechter». Op de drempel van het 48e vonnis stopte hij. Wat hem stopte werd nooit publiek opgeschreven.
1 47 vonnissen
Voor moord, voor diefstal-met-doodslag, voor heksenrij — wat Tjaarda als bewezen achtte. De vonnissen werden uitgevoerd op het Grote Markt te Groningen. Tjaarda zat erbij, schreef niet, dronk geen wijn, sprak met niemand. Na het vonnis ging hij naar huis. De stadssecretaris noteerde: «De rechter is altijd nuchter en altijd zwijgend.» In de zes jaar verloor Tjaarda nooit zijn slaap; nooit zijn eetlust. De Groningers vreesden hem, eerden zijn werkkracht, en noemden hem in fluisterstem «de bloeddorstige».
2 Het 48e vonnis
In maart 1674 was er het proces tegen Aafke Lubberts uit Lellens, beschuldigd van het vergiftigen van haar man. Het bewijs was zwak. Tjaarda zou normaal hebben gevraagd: «Bewijs of geen vonnis.» Maar in dat proces vroeg hij iets anders: «Aafke Lubberts, kijk mij in het oog en zeg: heb je het gedaan?» Aafke keek hem aan en zei: «Niet hij. Mijn vader.» Wat dat betekende werd nooit duidelijk. Tjaarda staakte het proces, sprak Aafke vrij, en ging dezelfde avond naar huis. De volgende ochtend nam hij ontslag, vertrok naar zijn borg in Wehe, en sprak in vijftien jaar nooit meer een vonnis. Hij accepteerde Katholieke herwijding tot priester en stierf in 1689 als pastoor van Wehe. In zijn laatste preek over de Bergrede zei hij: «Wie geen leugenaar is herkent de waarheid in de vraagde stem. Aafke Lubberts heeft mij dat geleerd. Niet de woorden — de stem.»
Vie FelineKattengedrag en vachtverzorging
Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard


