Shield
Jumièges, Normandie / Seine-Maritime

De Énervés van Jumièges

Tier 0+ - Publiek 4 min Legende
Flag
Advertentie
OthalaOthalaHandgebouwde websites die je zelf bezit

Aan een bocht van de Seine, twintig kilometer ten westen van Rouen, steken twee witte torens boven de bomen uit. Ze horen bij een kerk zonder dak: de abdij van Jumièges, al ruim twee eeuwen een ruïne. Wie er rondloopt, krijgt vroeg of laat het verhaal van de Énervés te horen: twee koningszonen die verlamd op een boot zonder riemen de rivier af dreven en hier aan land kwamen. Het is van begin tot eind verzonnen.

HW HW

1 De boot zonder riemen

Clovis II regeerde over Neustrië en Bourgondië en vertrok, zegt de legende, naar het Heilige Land. Hij liet het rijk achter bij zijn oudste zoon, onder toezicht van koningin Bathilde. Nauwelijks was hij over de horizon of de jongen greep de macht voor zichzelf, en een tweede zoon deed mee.

De koning kreeg bericht, keerde terug en won het gevecht. Op verraad van deze soort stond de dood. Maar Bathilde sprak een ander vonnis uit: haar zonen moesten blijven leven, en de kracht van hun lichaam moest hun worden ontnomen. Men sneed hun de pezen van armen en benen door — andere vertellers laten het met gloeiend ijzer aan de hielen gebeuren. Wat overbleef waren twee jonge mannen die niet konden staan en niet konden grijpen.

Zij vroegen zelf om het kloosterleven. Niemand wist waar men hen laten moest, en dus werd bij Parijs een boot klaargemaakt zonder riemen en zonder roer. Men legde er kussens in, brood en water, en duwde hem de stroom in: waar God hen aan land bracht, daar zouden zij blijven. De Seine droeg hen voorbij Rouen tot bij een landtong waar een abdij stond. Filibertus, de stichter, zag aan hun kleren wie zij waren en nam hen op. Zij bleven er tot hun dood, en het klooster heette voortaan de abdij van de Énervés.

2 Het woord en de waarheid

Het woord «énervé» zit in het verhaal ingebakken. De volksuitleg is eenvoudig: geénerveerd is wie men de zenuwen of de pezen heeft weggenomen, en zo zouden de prinsen aan hun naam zijn gekomen — en het Frans aan zijn woord voor prikkelbaar. Taalkundigen wijzen dat af: énerver komt van het Latijnse enervare, verzwakken, en staat al rond 1200 op papier; de chirurgische betekenis pas in 1594, de moderne pas rond 1836.

De mensen bestonden wel. Clovis II regeerde vanaf 639 over Neustrië en Bourgondië; Bathilde, zijn koningin, was een Angelsaksische slavin die regentes werd, kloosters stichtte en heilig werd verklaard. Alleen: Clovis II stierf rond zijn vijfentwintigste, te jong voor volwassen zonen met een leger, en naar het Heilige Land is hij nooit gegaan. Zijn drie zonen — Chlotharius III, Childerik II en Theuderik III — regeerden alle drie op hun beurt.

Geen tijdgenoot vermeldt verminkte koningszonen; zelfs Willem van Jumièges, die hier in de elfde eeuw schreef, zwijgt erover. Het verhaal duikt pas in de twaalfde eeuw op, in handschriften van het klooster zelf, en het verklaarde de grond en de visrechten die de abdij van het koningshuis had gekregen. Er kwam een grafplaat bij met twee liggende figuren, versierd met lelies die in de zevende eeuw nog niet bestonden. In 1880 zette Évariste-Vital Luminais de prinsen op een vlot op het Salon van Parijs; sindsdien kent iedereen het tafereel, en het is nooit gebeurd.

3 De mooiste ruïne van Frankrijk

De abdij zelf heeft geen legende nodig. Filibertus stichtte haar in 654 op koninklijk domein, en dat deel klopt: het was Bathilde die de grond en de visrechten op de Seine schonk. Jumièges werd een van de rijkste kloosters van het Frankische rijk. Op 24 mei 841 staken de Noormannen het in brand; pas rond 930 keerde er leven terug, onder hertog Willem Langzwaard.

Wat er nu staat is de kerk die daarna verrees, op 1 juli 1067 gewijd in aanwezigheid van Willem de Veroveraar, die net in Engeland tot koning was gekroond. Zeven eeuwen later kwam het einde: in 1790 werd de gemeenschap uiteengejaagd, in 1793 werd de abdij als nationaal goed verkocht, en in 1802 kocht Jean-Baptiste Lefort haar om er steen uit te halen. Hij blies met buskruit de vieringtoren en het koor omver en verkocht de brokken per kar.

De sloop hield op toen de familie Lepel-Cointet het domein in 1852 kocht. De staat nam het in 1947 over, het departement Seine-Maritime beheert het sinds 2007. Wat overbleef zijn twee torens van zesenveertig meter, een schip zonder dak en een gazon waar het koor stond. Victor Hugo noemde het de mooiste ruïne van Frankrijk. Wie op de oever staat en de stroom ziet trekken, begrijpt waarom men hier ooit een boot zonder riemen heeft bedacht.

Bron: Kloostertraditie van Jumièges (12de–13de eeuw); Jean Mabillon, «Annales ordinis Sancti Benedicti» (1703–1739); Évariste-Vital Luminais, «Les Énervés de Jumièges» (Salon van 1880).
Wist je dat? Luminais toonde zijn doek op het Salon van 1880; het werd meteen door het museum van Sydney gekocht, zodat de versie die in Rouen hangt een eigenhandige replica van de schilder is. De abdijkerk bewaarde ook het hart van Agnès Sorel, die hier in februari 1450 beviel en kort daarna stierf. Robert Champart, abt van Jumièges, werd in 1051 aartsbisschop van Canterbury. Toen de Noormannen in 841 kwamen, vluchtten de monniken met hun relieken en handschriften helemaal naar Haspres bij Kamerijk. En in het dorp trekt rond het Sint-Jansfeest in juni nog altijd de broederschap van de Loup Vert rond, de Groene Wolf, met puntmuts en vuur.
Heimweer Heimweer

Heimweer.be — Europees Erfgoed Bewaard